Het leven-zonder-kapper

De lockdown duurde ook voor haar veel te lang. Net als elke Nederlander verlangde zij naar vrijheid, contact met vrienden, familie en, niet te onderschatten, de kapper. Elke keer als ze naar haar werk ging, had ze eerst zuchtend voor de spiegel gestaan. Wat ze ook probeerde, hoe ze haar haren ook föhnde, het resultaat was steeds opnieuw bedroevend.

Toen het verlossende woord kwam dat we allemaal weer naar de kapper mochten, kon ze wel een gat in de lucht springen. Die vreugde was echter van korte duur toen ze hoorde dat ze pas eind april aan de beurt was voor een afspraak. Er waren nog vele wachtenden, zeg maar smachtenden, voor haar.

Ze berustte in de tegenvaller en pakte de draad van het leven-zonder-kapper weer op. Toen ze werd opgeroepen om een familie voor een aulabezoekje te ontvangen in het uitvaartcentrum, bereidde ze zich voor en keek zo kort mogelijk in de spiegel. Zo zou ze dapper de teleurstelling van het wachten op het verlossende moment bij de kapper beteugelen.

Ze ontving de familie, stelde hen op hun gemak en zorgde voor een kopje koffie terwijl zij in alle rust bij hun overleden moeder konden zijn. Toen de familie weer huiswaarts ging, sprak een wat oudere man haar aan. Hij bedankte haar voor de gastvrije ontvangst. Ze glimlachte vriendelijk, niet voorbereid op wat hij daarna zou zeggen. ‘Ik kan aan uw mooie haar wel zien dat u al naar de kapper bent geweest.’

Terug naar overzicht

Laatste nieuws