Column | Ons vak

Laatst sprak ik een chauffeur die een poos geleden zijn partner verloor aan een slopende ziekte. Terwijl de genodigden in het crematorium afscheid namen van de familie, konden wij even bijpraten. Ik vroeg hem hoe het ging, of hij het rijden voor nabestaanden nu lastiger vond. ‘Welnee,’ zei hij, ‘integendeel. Vlak voor ze overleed vond ik het soms wel lastig, omdat ik wist dat ons dat ook te wachten stond. Maar nu ben ik gewoon weer met mijn prachtige vak bezig.’

‘Weet je wat het eigenlijk is,’ ging hij verder, ‘juist met de mensen uit het vak kan ik er zo gemakkelijk en ontspannen over praten. Wij zijn allemaal vertrouwd geraakt met verdriet, ziekte en de dood als onderdeel van het leven. Als ik zou willen heb ik elke dag positieve rouwtherapie. Ook is het zo dat als je over iemand praat die je mist, naast het verdriet alle mooie herinneringen boven komen drijven en je voor je het weet weer samen lacht.’

‘Mijn vrouw stond zelf heel positief in het leven en zei dat we ervoor moesten zorgen dat we door zouden gaan met genieten. Dus dat doen we ook. En wat meer is, ons vak is gewoon …’ We keken elkaar aan en glimlachten. Nu zou het woord mooi of fijn moeten volgen. Maar dat wilden we niet. Nee. Deze keer zouden we dat andere woord zeggen, dat we altijd proberen in te slikken als we er met mensen over praten, ‘… leuk!’

Terug naar overzicht

Laatste nieuws